| Jan Junge beleeft 25 november |
|
|
Fookz! Ja mensen, wat moet je met zulk weer? Gruwelijke vooruitzichten, vooral veel regen. De boot is geen optie, maar wat kunstazen vanaf de kant, dat kan weer wel als het niet te gek wordt. Eerst ereis kijken wat voor weer het ’s ochtends is. Dat valt mee, het regent niet. Rustugjus aan brood klaarmaken, koffie zetten, en wat spullen bij elkaar scharrelen.
Wanneer ik in de garage mijn nieuwe tas opensla, walmt Murphy me al tegemoet! Goddomme, heb ik vergeten mijn spierinkjes in de ijskast te doen! Zitten een week in die tas. Oh die lucht! Paardenpis ruikt als Eau de Cologne hierbij vergeleken. Walgelijk, en niet wég te krijgen. Ik pak de doos die ik nodig heb en vlucht de auto in.
Eerst maar eens naar de afslag Papendrecht-Klaaswaal, kan ik het weer eens bij de Mc Donalds proberen. Een gedeelte van het water blijkt door drijvende drukbuizen afgeschermd, da’s pech. Geluk is dat het nog steeds niet regent. Maar geloof het of niet, mijn kunststof pluggendoos heeft de vuile spieringlucht gretig opgenomen en stinkt als een lijkencontainer. Ik moet met het raam half open rijden.
Ik ga gooien, eerst maar eens met de Spro jerkbait. Niets. Ik ga er maar weer eens die deltaspinner opzetten die ik voor 1 euro ergens uit een bakje gehaald heb. Met behulp van Peter! Ik vis een ondiepe zijsloot af wanneer ik een slappe aanbeet krijg. Het formaat van de snoek lijkt mee te vallen, maar veel doet ie niet. Verdraaid, hij wordt steeds groter! Het is geen echte bak, maar wel een heel mooie! Alleen door de slip gaat ie niet. Ik pak ‘m vlot met de gripper en op de kant gaat ie. Meten, hij blijkt maar liefst 86 cm! De haak zit voorin, maar wel goed vast. Met de kieuwgreep moet ik de bek opentrekken want die klep wil ie steeds gesloten houden.
Slappe aanbeet, geen strijd, maar wel 86 cm!
En natuurlijk neemt ie me te grazen...
Ik vraag me af of dit niet dezelfde snoek is die ik twee jaar eerder aan de andere kant ving. Ik hoop van niet, maar ik zal straks eens even gaan kijken.
Ik vis vrolijk verder. Het begint een beetje te regenen. Ik vang verder niets en ga eens kijken in Zwijndrecht, daar heb ik veel aardig uitziend water gezien bij woonwijken en ook bij industrieterreinen.
Ik vind al spoedig mooi water. Ik wissel de aasoorten af: lepel, deltaspinner, shadje, plug, gewone spinner. De deltaspinner raak ik helaas kwijt, gelukkig heb ik er nog een, ze doen het opvallend goed. Geen visser te zien uiteraard, maar dat hoeft ook niet. Af en toe een buitje, maar één keer een forse, het valt allemaal nogal mee. Maar waar ik nooit mee om kan gaan, dat is een capuchon. Wat een stomvervelende koleredingen zijn dat! Altijd waaien ze af. Of ze hangen diep over je ogen. Trek je het koordje aan dan komt de bovenrand zo laag dat de bril naar beneden gedrukt wordt. Te laag voorhoofd Junge! Je voorouders komen zeker uit het Neanderthal. Bovendien blijft met een strak touwtje de bril in de kap staan als je je hoofd draait, dat kijkt niet echt fijn. Maar verder gaat het best goed met me.
Andere stekken, nieuw kunstaas. Geen volgertje meneer, geen kolkje. Die ene snoek was kennelijk een wonder. Ik vind nog wel een dode snoek van een centimeter of zeventig. Ze zitten er dus wel. Wat later zie ik in een ander water een forse dode zeelt drijven. Nix biezonders, maar deze is vers! Kennelijk nét dood. Rara hoe kan dat? Het is duidelijk een wat oudere vis, maar niet zodanig dat ie seniel zou wezen. Toch vissers geweest? Ik zal er nooit achter komen.
Het is over vieren als ik ga nokken. Op de terugweg zie ik nog zat mooi water, maar het regent, het is behoorlijk donker en ik heb geen zin meer. Nog even langs Fauna, kom ik toch langs. Gezellig.
Vrijdag met Antonio ‘iets met de boot’ doen. Bidden voor weinig regen, helpen jullie mee? Alvast bedankt.
Tight Lines en tot horens,
Jan Junge,
NB. Bij Fauna komt een paar dagen terug een Belg het verhaal van een mooie vangst in de Biesbosch vertellen. Grote snoek, 1 meter 14. En een Hollander die geholpen heeft! Maar die snoek, die had d’n Belg gebeten, en wel door de nagel van een vinger heen. Na een paar dagen werd de vinger steeds pijnlijker en kwam er een rode streep te lopen over de binnenkant van de Belg zijn arm. Bloedvergiftiging. Levensgevaarlijk! Twee weken ziekenhuis!
NB 2 Onzen Baartjes gaat eens even flink tekeer bij de Centrale. Achter het hek. Kan alleen als je een waadpak gebruikt, want over het hek heen kom je niet meer. Karperhengel en een spinhengel. De karper doet niets. Maar eens even wat werpen. Het bekende sneldraaien op roofblei werkte ook niet best, hoewel er flink gejaagd wordt. De oplossing blijkt om het aas tegen de overzijde te werpen en met de stroom mee te laten voeren. Knal! Roofblei... 86 centimeter! Een paar worpen later, vlak onder de kant een gruwelijke kleun, de vis knált op het aas. Deze roofblei is nog groter! Maar dan gebeurt het, de hengel springt recht, Bart staart naar een opengebogen speld... Negentig plus, nieuw record? Als troost slaat even later de karperhengel krom. Zeventien pond.
NB 3 Onderstaande foto is van Franklin Broekcx, gemaakt tijdens een sessie. Het beest kon nog op tijd bevrijd worden. Maar hoe dom kun je zijn...
Hoe dom kan je zijn...?
Bron: Jan Junge
|
| Meer uit deze serie | |




