Home Jan Junge beleeft! Jan Junge beleeft 28 september

Zeehengelsport

Sponsored Links

Sponsored Links


Jan Junge beleeft 28 september E-mail

Hi Folks! Ik heb een 12 volts elektrisch liertje gekocht om de trailer omhoog te hijsen als de auto zand & stenen staat te graaien op de helling. Je zet de auto bovenaan de helling, bevestigt het liertje aan de trekhaak met de speciaal daarvoor gefabriceerde ring, je loopt de staalkabel uit, tot 9 meter!, en bevestigt ‘m aan de voorkant van de trailer. Je moet wél zorgen dat er een accu in de bagageruimte van je auto aanwezig is. Kabels erop en dan heb je een drukknop waarmee je de lier kan inschakelen.

 

Hard gaat het niet. Een meter tachtig per minuut! Maar waar het om gaat, is of het werkt. Die lier kan 900 kilo trekken en dat lijkt heel wat, maar wanneer je een gewicht onder een hoek omhoog moet trekken over een oneffen bodem heb je ook erg veel nodig. Nou kost dat ding geen fluit, een ongelofelijke 35 euro, maar je krijgt dan ook niet iets dat een afwerking heeft om erbij te staan juichen, eerlijk is eerlijk.

 

Wat mij enige zorgen baart is het uittrekken van de kabel. Door de gigantische vertraging van het tandwielstelsel kun je nooit ‘zomaar’ de kabel uittrekken. Er zit dus een koppeling in het ding, waarschijnlijk een wrijvingskoppeling. Zal mogelijk ook wel als beveiliging dienen, want een beveiliging tegen overbelasting kon ik nergens ontdekken. Je moet met een wieltje aan de zijkant de koppeling losdraaien, dan is het mogelijk de kabel uit te trekken. Dit gaat erg moeizaam. Wil je nu de uitgetrokken kabel met de hand terugdraaien, dan is er een extra handel die je op dezelfde as moet zetten waarop de koppelingsknop opzit. Je draait die knop weer vast en bevestigt de handle op de as met twee los bijgeleverde moeren. Die gaan zoekraken! Bovendien verloopt ook het opdraaien van de staalkabel – die uiteraard niet soepel is – niet bepaald probleemloos en uiteraard draai jij je een ongeluk. Maar als het goed is, hoeft dat indraaien ook niet met de hand, maar doe je dat met de accu. De gebruiksaanwijzing is zoals gewoonlijk onduidelijk. Wel staan er dozijnen waarschuwingen: dat je het ding niet als strijkijzer moet gebruiken, de kabel niet om lichaamsdelen moet bevestingen, oppassen met huisdieren enzovoort, enzovoort... U kent dat.

 

Welnu, ik wilde het ding gaan proberen op ‘die’ helling bij Terheijden. Maandagochtend om acht uur weg om de boot op te halen. Maar toen ik eenmaal bij de haven te Raamsdonksveer stond, keek ik eens peinzend over het water aldaar, zag vis springen – baars? – en besloot om het toch maar weer hier in de Biesbosch te proberen. Die snoek van 117 cm hè...

 

De haven zelve leverde niets op, maar ik kreeg wel volgers van kleinere baars. Hoopvol teken. Het kanaaltje deed niets. In een opwelling zet ik een grote 25 cm Twinler op en sleep ‘m achter de boot naar de brug tussen R’donksveer en G’berg. Er staat een man, die me toeroept of ’t al iets is. Zal wel een snoekbaarzer zijn. “Ben drie minuten bezig”, antwoord ik. Dan krijg ik verdorie een mooie aanbeet midden onder de brug! Snoek. Zo te voelen is het geen kanjer, maar heel klein kan ie nou ook weer niet wezen. Dan schiet ie los. Nou zeg, mooie start. Ik trol nog ettelijke keren heen en weer, maar de snoek laat zich niet meer verleiden. Eind middag nog eens proberen.

 

Maar nu door naar het Spijkerboor, volgas! Ik stop voor de kop van de toegangskrib en laat de Twinler weer te water. Op de andere hengel een flinke ondiep lopende plug. Twéé dieplopers zijn niet te hanteren met al dat vuil op de bodem. Ik rommel wat heen en weer met de Twinler. Niets. Dan het Spijkerboor op, vaargeul volgen. Geen tikje. Toch moet hier met enige regelmaat mooie snoek gevangen worden. Dan kom ik bij de toegang van het Middelste Gat van het Zand, ‘de Snijder’ moet die heten volgens onzen Gerrit Hooijmaaijers. Links, wat verderop, heb je een flinke steiger voor jachten. Daarachter liggen de polders ‘de Plomp’ en het ‘Benedenste Jannezand’, niet lang geleden onder water gezet.

 

Het weer, beste mensen, is prachtig. Zacht, maar met een lichte, frisse ochtend-bite, een zweem van nevel, vrijwel geen wind, vrijwel geen bewolking, maar nog geen zon.

 

Ik zet een aardigheidje op de lichte stok, namelijk een van de twee oude deltaspinners die ik zondag uit een één-euro-bak haalde op de Fair Lure en Fly te Stellendam. Het dingetje is nog verzwaard ook en heeft een bescheiden pluim rond de dreg. De andere stok mag de wat dieper lopende plug dragen. Binnen honderd meter het eerste snoekje op de plug hoor!

 

De eerste snoek! De kop is eraf...

 

Een kwartier later een middenmaat baars op de Delta.

 

Een middelmaat baars op de Delta-spinner.

 

Ik kom op de Vier Winden – geen visser te zien - en besluit om door te trollen over het Nauw van Paulus, naar de driesprong waar je ook nog een mooi diep gat hebt liggen. En zowaar, mijn eerste snoek op het Nauw! Nooit ving ik er wat, hoe schitterend het er ook uitziet. In ieder geval is de snoek nou eindelijk eens een keer los, goddank!

 

Schitterende snoek, ook op de Delta-spinner!

 

Ik ga verticalen op de driesprong. Van diep naar ondiep, van ondiep naar diep. Ben er best wel even bezig. Ook ga ik nog eens een keer met die grote Twinler over de bodem, dat ding laat zich ook heel goed verticalen. Hier móét gewoon grote snoek liggen. Bijten doen ze niet en ik trol terug via de andere oever.

 

Langzamerhand komt er wat zon door. Ik weet niet of ik daar blij mee moet zijn in verband met het echt glasheldere water. Maar het voelt heerlijk! Verticalen op de Vier Winden. Twinleren op de Vier Winden. Ik verticaal ook de monding naar de Snijder goed uit, verspeel er uiteraard een shad. Twinler in de diepe gaten op die monding, het is hier waar de Belg z’n kanjer er op kreeg. Maar ik krijg er niets op. De zon is er goed doorgekomen, tikje gesluierd nog, maar verrukkelijk. Ik trol weer langs de bomen op de Snijder. Klaps! Raak! Alweer geen grote, maar een middenmoter. Kom binnen lieverd!

 

Weer een snoek! Kom binnen lieverd...

 

Vijf minuten later, alwéér! Ik los het diertje bij het tillen, de dregpunt zit dwars door de snavel, maar wanneer ie gaat spartelen komt ie toch los. Die Deltaspinner werkt echt prima, hoewel ie erg hoog loopt en ‘eigenlijk’, jaja, vooroordelen, ik weet het, te veel schittert in het heldere water.

 

Ik vaar nog maar weer eens terug via de andere zijde. Tock!! Mooie aanslag, maar mis. Het loopt echt als een trein en de zon lijkt geen enkel probleem. De tijd vliegt voorbij, het is al middag verdomme. En Yep!, met een lichte plons slaat er weer een snoek op het kunstaas! Je moet je door het gespetter van een snoek nooit laten leiden. Meerdere malen hoor ik wat lullig geplas achter me bij de aanslag en is het toch een goede snoek. Ook dit keer blijkt dat zo te zijn. De vis vecht hard. Wanneer ik ‘m aan boord heb, zie ik dat de bek nogal beschadigd is door voorgaande vangsten, hetgeen het dier een extra krokodilachtig uiterlijk geeft.

 

Let op de 'krokodillebek' van de snoek!

 

Deze snoek is een beetje van het lange-lat type. Maar, zoals gezegd, sterk en taai. Ze meet 84, de eerste grotere snoek van onder de bomen.

 

Een snoek van het type lange-lat... Toch 84 cm!

 

En we zijn nog niet klaar hoor: baarsje!

 

Altijd leuk die baarzen, tussen het snoeken door...

 

Teruggekomen op de vier winden zie ik een vette witte polyesterboot liggen, zo’n modern, hoog ‘klomp-’ of ‘sportschoen’- model. Ik kan ze maar niet mooi vinden. Het is een Quicksilver en Willem Stolk staat op de voorplecht met een spinhengel! Z’n lange blonde haar wappert in de wind, zonnebril op die eigenwijze kop! Ik vaar naar ‘m toe. Het is Stolk niet! Hij lijkt er anders verdraaid veel op. “Paar baarsjes!”, roept de visser desgevraagd.

 

Ik vaar naar het toegangskanaal van het Gat van de Paulus. Eens kijken of het daar ook zo goed gaat. Het is er vuil en ondiep. Het verkeer heeft veel planten losgewoeld en die liggen nu aan het oppervlak. Moeilijk trollen, eigenlijk gaat het alleen op de stukken waar de wind vat op heeft en het dus wat schoner is. Niettemin toch veel vuil op het kunstaas, vist erg onrustig.

 

Ik wil het eigenlijk opgeven wanneer ik er dan toch eentje op krijg ondanks de troep. Ook hier dus snel beet. Wat een dag! Het is wel om de vijf minuten inhalen en schoonmaken, maar binnen korte tijd verspeel ik een aardige middenmaat bij het tillen. Hij floept uit mijn hand en is gelijk los, zestiger. En meestal is het de Delta die de aanbeten uitlokt. Vermoedelijk wordt er hier erg weing met spinners gewerkt en is het een kwestie van dressuur.

 

Weer een snoek op de Delta-spinner!

 

Af en toe moet ik hele stukken overslaan die te vuil zijn om te vissen. Ik kom op het Middelgat van de Plomp. Schoner, dieper, breder. De Twinler gaat weer overboord. Maar nee, hier komen geen aanbeten. Na een uurtje ben ik terug op het Gat van de Paulus. De Delta op de ene stok, een Mann’s Minus 1 Stretch op de andere. Mijn laatse! Ze worden niet meer geïmporteerd, die Mann’s pluggen, maar op de site zie ik dat deze kleinere Stretches ook niet meer gemaakt worden. Wel een groter model van 15 cm. En dieplopers, die ook. Maar dit is nou juist zo’n retegoede polderplug.

 

Hoe goed blijkt al snel. Wham!! Wat een ruk! Vrijwel meteen begint de snoek wild lijn te nemen, niet aan één stuk door zoals een karper, maar met scherpe, felle uithalen. Negentiger, schat ik. Ook heel mooi, want ik heb op dit stuk water never een grote snoek kunnen vangen. Mevrouw maakt het me niet makkelijk. Steeds opnieuw scheurt ze er volgas vandoor. De meeste snoeken komen vlot omhoog en gaan liggen thrashen en kopschudden, deze niet. Daar gaat ze dwars onder de boot door en ik moet nog bliksemsnel reageren om ongelukken te voorkomen. Als ze eindelijk bovenkomt zie ik dat ze nogal licht gehaakt is. Ik draai de slip losser en alles begint weer van voren af aan. Een kwartier is véél voor het drillen van een snoek, maar dan heb ik ‘r toch te grazen. De vis is korter dan gedacht, maar zwaar gebouwd. 82 is ze, kleiner dan de ‘lange lat’, maar ze lijkt groter.

 

Schitterende snoek van 82 cm!

 

De buik is verdacht dik en ik kijk eens even diep in de bek. Verdomd, dacht ik het niet! Staartvin! En wat voor één... Ik zet de tang erop en trek flink. Peter Hansler mag het dan zielig vinden om de snoek van z’n maal te ontdoen, ik heb er geen moeite mee. Het is dus wat ik al dacht: een joekel van een snoekbaars. Wat een smeerlapperij zeg, dat halfverteerde beest. En hoe komt een snoek erbij om een vis aan te vallen terwijl er nog een polsdik stuk staart in z’n strot steekt?

 

Er komt een joekel van een half-verteerde snoekbaars uit zijn bek!

 

Beide vissen gaan terug. Ben toch benieuwd of die snoek dat lijk weer pakt op den duur.

 

Wanneer ik bijna terug ben krijg, ik nog een harinkje beet dat zich van de haak spartelt. Het houdt niet op vandaag! Vijftien aanbeten of zoiets. Maar ik moet terug, heb ook nog een afspraak onder de brug van Geertruidenberg. Daar aangekomen zet ik de Twinler er op en trol de brug onderdoor. Niets. Terug. En yess! Onmiskenbare aanbeet. En weer los! Ik probeer verschillende aassoorten en ga ook nog eens verticalen, maar deze makker is gewaarschuwd. Nop.

 

In de haven krijg ik er weer baarsjes achter, maar ze bijten niet aan. Komt nog wel. Eigenlijk wil ik de lier nog even uitproberen, maar er ligt een bootje klaar om te traileren en boven de heling staat een auto. Niet meteen de situatie waarin je in alle rust kunt experimenteren.

 

Tjonge wat een lekker dagje zeg! Maar ik heb het ook wel verdiend na dit k..jaar. Zelfs M knikt glimlachend, Zijn tijd komt nog...

 

Mijne Dames en Heren, ik groet u. Tight Lines.

 

Jan

 

Bron: Jan Junge
© Onderlijnenvooropzee.com




   
   
 
Meer uit deze serie

Google Translate

Highlights

Cormoran / Daiwa

Cormoran

Sponsored Links

Sponsored Links

Onderlijnenvooropzee.com | Onderlijnenvooropzee.nl | Sea-Fishing-Tips.com
| Zeevissen | Strandvissen | Kantvissen | Surfcasting | Bootvissen | Wrakvissen | Hengelsport | Zeevis onderlijnen | Zeevis tips & trucs | Hengelsport knopen |