Home Jan Junge beleeft! Jan Junge beleeft 11 september

Zeehengelsport

Sponsored Links

Sponsored Links


Jan Junge beleeft 11 september E-mailadres

Spartelaars! Vissen met ‘Kapitein Rob’. De oudere generatie kent ze wellicht, de strips over deze koene zeeman. Ik verzamelde ze allemaal, behalve de laatste serie, die was veel minder. En Eric de Noorman! Enfin, laat maar… Maar goed, Rob komt, en hij komt vroeg. Zeven uur spraken we af, maar wanneer ik om kwart over zes de garagedeur open om mijn auto weg te zetten treedt Rob monter binnen. “Ik was iets vroeger!’. Geen probleem, integendeel.

 

Rob gaat zijn auto offeren op de rauwe trailerhelling aan de Mark. Luchtig wuifdenie mijn bezwaren weg: ‘Koppel van 300, 140 pk, zware diesel voorin en een antidoorslipinrichting erop!’ M veert omhoog, maar ik sla er maar even geen acht op.

 

We laden alles in, halen mijn boot op en al spoedig staan we aan de helling. “Laat mij ‘m maar insteken’, zeg ik blij wanneer Rob bekent dit láng geleden voor het laatst gedaan te hebben. Ik laat de auto twee keer afslaan maar het lukt me om de trailer in één keer met de wielen het water in te krijgen. En nou moet ie gelijk weer terug! Ben ik vergeten de boot uit- en aan te kleden, bovendien zit het nummerbord met de lichten nog achterop! Ohgottohgttohgod! Wat een begin zeg! Rob stapt in, start de motor weer en rijdt in één keer die rotte helling op!! Ik ruik wel een vreemde chemische lucht die uit het voertuig lijkt te komen. We maken de boot klaar, traileren verder zonder problemen en weg zijn we. Het is kwart over acht.

 

Rob heeft het dubbele Sprootje erop, ik opteer voor de grotere dubbele Ukko-met-geel-staartje. De Andijker trolde nooit, maar je kunt het moeilijk een ingewikkeld onderdeel van de sportvisserij noemen. We varen langs de rietkant bij het hellinkje, een topstek toch wel, maar geen beet. Ik merk dat Rob zeer alert reageert op tikjes op z’n kunstaas, hij geeft gelijk een kleun van heb ik-jou-daar! Ik ben daar nooit zo goed in geweest. Bartje knikt, en ook Gerrit mompelt iets instemmends. Ik krijg een plastic zak of zoiets in de plug. Of is het… nee….ja toch!  Tja, op zulke beten kun je moeilijk aantikken. Dit blijkt een toch redelijk forse snoekbaars. De kop is eraf! Arm dier…. Gekheid mensen, da’s een uitdrukking waarmee je aangeeft dat er een zeker begin gekomen is aan iets wat nog verdere invulling behoeft. Hoe of ik dat zég!

 

Mooie snoekbaars. De kop is eraf!

Let op de ‘Missionarisblik’ die ik hier opzet. “Quackersblik’ zou ook kunnen. Waarom dat zo is weet ik eigenlijk zelf niet goed. Iemand die met succes uit een geheim potje gesnoept heeft? Zoiets.

 

De aalscholvers waren weer flink bezig!

De aalscholvers waren weer eens flink bezig….

 

Het is 8.35 uur wanneer Rob raak tikt! Vis! Het is een alleraardigste snoek die het oppervlak eens flink gaat ranselen. De lange Adijker gaat ’m vakkundig onthaken. Tegelijk met een sparteling van de worstelende snoek hoor ik opeens ” Auw! Godver…!!!”.,. En ja hoor! Rob heeft een dreg in z’n duim! Gelukt! Nu al! M spoedt zich gierend naar het toilet…

 

Visser haakt zichzelf met flinke dreg!

 

Schitternde snoek, let op de dreg in de visser zijn duim!

Let eens even goed op de staartdreg van het plugje! Zien jullie het? Keiharde jongen die Rob, haak in z’n duim, gewoon even poseren met de vangst.

 

De haak is door de sparteling van de snoek uitgebogen. Nog een mazzel, daardoor vloog de vis eraf en werd erger voorkomen. Ik heb altijd een kniptang bij me, maar nu even niet! Hoe is dat nou weer mogelijk? M bestelt nog een mooie oude whiskey en steekt een havanna op. Goddank heeft Rob er een bij zich (zo’n kniptang), anders ben je gelijk de….eh… sigaar. De haak wordt zo dicht mogelijk bij de steel afgeknipt om zoveel mogelijk uitsteeksel over te houden om de punt weer door de huid naar buiten te duwen. Maar het houdt niet over, er is verdraaid weinig houvast. Met een stalen gezicht gaat Rob nu een gaatje in z’n opperhuid maken maken om de haakpunt makkelijker naar buiten te doen komen. Gelukt! Een minuscuul puntje steekt nu naar buiten. Met van alles en nog wat proberen we houvast op dat puntje te krijgen. Tevergeefs. Ook het doorduwen van de haak wil maar niet lukken. Maar ik heb nog een geheim wapen. Dat is een lange, zware onthaaktang voor de grote snoek. Een punttang, geen arterietang. Die tang is weliswaar erg groot, maar hij heeft een stuk in z’n bek waar geen ribbels opzitten. Daar kun je dus zo’n piepklein puntje goed mee vastklemmen. Gelukt! Het stukje haak is eruit. De duim is echter gezwollen en gevoelloos. Maar een Vermeer kan niet alleen aardig schilderen, ook een visdag laat ie niet verspesten door Pijn Duimpje. “Komaan Jan, verder!” Wenend start ik de motor.

 

We varen verder langs de rietkraag richting Terheijden. Rob lost iets kleins, waarschijnlijk een baarsje. We gaan het haventje in, we gaan het haventje uit. We varen nog een kilometertje door, dan langs de overkant terug. Het weer is mooi. Er staat erg weinig wind, er is niet veel zon en het is nog behoorlijk fris. De watertemperatuur blijkt flink gezakt: iets boven de 18 graden oppervlakte. De baars moet loskomen zou je zeggen.

 

Bij de roeivereniging ga ik weer naar links. We tjoeken langs het riet richting helling. Nou, dat valt niet mee, twee aanbeten slechts. Ik kijk op mijn horloge, het is over tienen. Uit het niets een flinke klap op mijn stok, massief, duidelijk. Snoek! Meteen gaat ie lijn nemen ook. “Een mooie Rob, waarschijnlijk een flinke snoek!”. Verschillende keren neemt de vis een meter of tien lijn. “Minstens 75!” roep ik. Vijf minuten later komen er nog eens 10 centimers bij. “Ik zag een hele forse buik daarnet”, mompelt Rob bleekjes.

 

Snoek neemt run na run.

 

Daar komt ie. Metersnoek! Bruinig van kleur, laarsbrede kop. Ze giert nog een paar keer weg, de plug zit aan de buitenkant van de bek. Ik ga ‘r pakken. Nou moet Rob eens even zien hoe je dat doet. “Zou je niet scheppen?” klinkt het ongerust naast me. Niks daarvan. Crocodile Jungee! Ik grijp ‘r in de kieuwen, hijs de snoek aan boord. Net op het hoogste punt gaat het mis. Het machtige lijf kromt zich en ze geeft een grove ruk. Een vlijmende pijn in mijn linkerhand, ik schreeuw het uit. Godverdomme de plug erin!! Maar die is er alweer uit. Mijn hand brandt, jezus wat een pijn zeg! De snoek is losgerukt, ik dus ook. Bloed druipt omlaag. Tot mijn verbazing zie ik niet de grote scheurwond in mijn hand die ik verwachtte, maar slechts een gaatje van enkele millimeters. Wat is er nou toch precies gebeurd? Even later weten we het. Een dregpunt staat schuin omlaag. Die heeft ingehaakt en diep ook, maar is er meteen door de klap weer uitgerukt en daarbij gelukkig rechtgebogen. En dit is geen lullig dregje, dat staal loopt tegen de millimeter! Mijn hand brandt als door een wespensteek, de wijsvinger gevoelloos en gezwollen. Hoe is het mogelijk, twee man binnen het uur gehaakt! M komt voorbij in een open Rolls Royce coupé, bestuurd door een fraaie blondine. De sigaar is vervangen door een grótere….

 

Metersnoek naast de boot!

 

Ik verbijt de pijn én het beeld in mijn hoofd. Nu de snoek. Meten. Eerlijk als goud als ik ben komt ik niet verder dan 99 cm. Maar wat een gaaf beest. In de kracht van d’r leven is ze. Puntgaaf gebit, vlijmscherp alles nog. Relatief jong. Foto’s maken en terug ermee. Omdat ze nog spartelt denk ik dat ze zo wel terug kan, hoewel het ‘onthaken’ wel iets langer geduurd heeft dan gebruikelijk. Maar de snoek zwemt niet weg. Draait lullig om d’r as. Komt als een grote dobber in het water te staan, kop omhoog. Dit gaat niet goed! We pakken ‘r weer en gaan nursen. Aan de staart schuif ik de vis een tijdje heen en weer. Het duurt zeker tien minuten voor ze wat bijkomt en er weer spanning in het machige lijf voelbaar wordt. Wanneer ze zwembeweging maakt laat ik de staart los en langzaam zwemt ze naar beneden. Gelukt.

 

Metersnoek, de onthaakmat is haast te klein!

 

De trotse visser en zijn metersnoek!

 

We gaan verder richting Breda, linkeroever. We komen bij de mooie Belcrumhaven zonder beet. Varen die in. Ook Rob is onder de indruk van de atmosfeer daar. Maar geen beet. Verder. Na een paar honderd meter besluit ik meteen maar voor Breda te gaan. We scheuren er in luttele minuten heen. Door naar het Spanjaarsgat zelf. Ik zie dat de suikerfabriek wordt gesloopt, nooit geweten! De aasjes gaan weer te water en we varen de brug bij het Spanjaardsgat onderdoor. Daar ligt een merkwaardige drempel met enkel diepe gaten erachter. Even overweeg ik te gaan verticalen, maar je moet niet teveel technieken tegelijk gaan toepassen. Het is hier erg onregelmatig met veel ondiepten. Ik zie iets vreemds. Is dat een duif in het water? Verdomd, de zoveelste. Deze is er slecht aan toe, ze ligt erg diep. En wat is dat? Een grote roze plek op de rug doet het ergste vermoeden. Wanneer we dichterbij komen zien we dat er een gruwelijk gat in de rug gepikt is, je ziet de ribben naar buiten steken. Meeuwen! Die duif moet uit haar lijden verlost. Rob pakt het diertje bij de kop en draait ut een paar keer rond. Daar vliegt het lijfje door de lucht, een spoor dieprood bloed achterlatend. “Is een beetje stuk gegaan”, mompelt de lange Andijker verlegen het kopje wegwerpend. Ben ik nog vergeten een foto te maken! Nou ja, enfin, zeg niet dat vissen saai is, overal ligt het drama op de loer.

 

We gaan singelen. Het weer wordt langzamerhand wat zonniger zoals steeds in de middag. Heerlijk, maar even niet met vissen. Er mag dan goed gevangen zijn afgelopen dagen op deze singels, het is nu nix. Eindelijk vangt Rob een baars, nou daar zien we van op!

 

Baars aan de plug!

Er zit een druppel op de lens, maar dat weet ik nog niet. Vandaar de lichte vlek op de foto.

 

We varen wat af, de hele cirkel rond het centrum. Pas helemaal op het eind begint het een beetje te lopen. Snoekje, kijk maar. Wat jullie niet weten en wij wel is dat Rob aardig met een camera om kan gaan. Die neemt niet zomaar even een foto, maar beveelt me om mijn arm – plus snoek – te strekken. “Verder, verder, verder!” Tot mijn arm geheel gestrekt is en de snoek een halve meter voor de camera hangt. Toch zou je het niet zeggen als je naar de foto kijkt. Hetzelfde is overigens van kracht met die foto van mij met die metersnoek. “Kop naar voren, staart naar achteren, armen strekken, strékken, strékken!!” Asju goed kijkt zie het. Maar er lijkt toch een heel gewone vis op de plaat te staan. Wonderen der techniek.

 

Mooie snoek, druppel water op de lens....

 

Schitterende baars.

 

Geen baars, wel een schone lens...

Mét en zonder baars…. Zien jullie dat de vlek plots weg is? Lens schoongemaakt!

 

Rob krijgt menig baarsje op z’n kleinere kunstaas, maar ze blijven niet echt hangen, zoals zo vaak. Ik wissel naar een grote driedelige SPRO, die dingen kosten haast niets en doen het voortreffelijk. Het is een blauwe, ik zette er dus gele wangetjes op met de spuitbus, want ik heb een – totaal ongefundeerde - hekel aan blauw: “vangt niet”. Bullshit, maar eens mens kan nu eenmaal niet zonder vooroordelen. Whomp! Snoek erop! Zieduwel….En het duurt maar een kwartier dan komt nummero twee kijken, nog niet eens een onaardige. Maar als ik ‘m wil grijpen,,,, weg.

 

Schitterende snoek, waar komt dat bloed nou weer vandaan?

Let even op de bloedende pink. Waar dat nou weer vandaan komt?

 

We hebben de hele singel rondgevaren en komen weer uit bij de suikerfabriek. We varen nog maar even een stukje door, de snoeken lijken het te gaan doen. Ook Rob zet een grote plug op. Hij heeft een tweedelige bij zich, ik vermoed van Rapala, die toch ook de 30 cm wel zal benaderen. Het mag niet helpen. We trollen langs de suikerfabriek naar buiten. Ook dit is een mooi stuk. We varen de jachthaven uit en yess! – daar gaat Rob’s stok eindelijk weer eens goed krom. “Da’s iets moois”, zegt de grijzende Andijker terwijl ie alvast gaat staan. De vis zwemt snel naar de boot en ik kan maar nét de motor in z’n vrij zetten voordat de lijn in de schroef komt. Maar die lijn zit al ergens achteraan vast verdorie. Ik tast achter de boot. Ik hoor wat lulig gespartel en zie een grote brasem! In de buik gehaakt! Omdat ik de foto neem is ie ook gelijk slecht, de vis lijkt weer eens 20 cm in plaats van 50 plus en staat helemaal krom, hoe goed Rob ook z’n best gedaan heeft de slijmjurk in de camera te duwen.

 

Vals gehaakte brasem tijdens het snoekeren.

 

Verder maar weer. We gaan tot de eerste hoge brug, en daarna volgas door naar onze topstek bij de helling. We gaan aan de gang, vol verwachting klopt ons hart. De zon komt inmiddels vol door, een verschijnsel dat we dit jaar vrijwel iedere dag hebben kunnen waarnemen. Tweede helft middag is het vol-in-de-zon. Het gaat niet hard. We gaan zelf een keer een stuk het Markkanaal op, tot de eerste brug. De winkelpickerman zit er weer. Weer op de Mark aangekomen voelt Rob bevreemd aan z’n hengel. Vuil? Of toch iets? Fronsend draait ie uiteindelijk maar eens binnen. Het baarsje is nog kleiner dan de plug.

 

Het baarsje is nog kleiner dan de plug!

 

Juist als we het willen gaan opgeven krijgt Rob er nog eentje op. Het is niet echt groot, maar toch ook weer wel. Een baars namelijk, van 36, en dat is een persoonlijk record voor onze Rob. Zou ie hier meer vissen, dan zou dit record niet lang blijven staan, vermoed ik.

 

Baars met licht van achteren.

 

Baars, maar nou lekker duidelijk!

Twee foto’s, twee totaal verschillende belichtingen! De ene is genomen met het licht van achteren, de ander van voren. De bovenste heeft verreweg het meeste sfeer.

 

We trollen nog een half uurtje door, dan besluiten we om te stoppen. Het is half zes of daaromtrent en we zijn behoorlijk gaar. Het traileren verloopt zonder problemen. Verbluffend hoe deze auto -met toch ook alleen maar voorwielaandrijving- de trailer de helling optrekt. Toch is het niet echt voor herhaling vatbaar. Rob merkt dat z’n voertuig wel degelijk heel hard moet werken en dat vooral de koppeling er flink van langs heeft gekregen.

 

We moeten eerst onze wonden eens goed verzorgen voordat we ergens wat kunnen gaan eten. Ook mijn kleding is wat meer dan gewoonlijk beslijmd geraakt. Na enig heen en weer gepraat besluiten we om toch maar eerst even naar mijn woning te rijden om onze wonden te ontsmetten. Thuisgekomen vind ik nog een flesje Dettol ook! We nemen al werkende een biertje in de tuin.Vrolijk kwetteren de vogeltjes en daar is de poes ook al. Ineke informeert of we niet beter in de tuin iets willen eten? Lekker gebakken eitje? Rob heeft al ‘ja’ gezegd voordat het laatste woord over Ineke’s lippen komt. Het is gezellig en we nemen het er goed van. Niet vaak eet ik zo lekker, moet toch eens meer een gast mee naar huis nemen! Nee, gekheid hoor Ien! De tijd vliegt en Rob gaat richting huis, die moet nog even 150 km rijden! Sjonge, het was me het dagje wel met een metersnoek en twéé keer een haak in de vingers! M laat een boertje, legt de inmiddels opgerookte Havanna weg en laat z’n hoofd rusten op de rijke boezem van z’n blondine.’ Was…dag-je – wel!’, mompelt ie nog voor ie vredig inslaapt.

 

Tight Lines Folks

 

Jan Junge,

 

Bron: Jan Junge
© Onderlijnenvooropzee.com



Tags: Jan Junge  Snoek  Metersnoek  Baars  Brasem  Spro  Rapala  Roofvis  Plug  

   
   
 
Meer uit deze serie

Google Translate

Highlights

Zeehengelsport

Sponsored Links

Sponsored Links

Onderlijnenvooropzee.com | Onderlijnenvooropzee.nl | Sea-Fishing-Tips.com
| Zeevissen | Strandvissen | Kantvissen | Surfcasting | Bootvissen | Wrakvissen | Hengelsport | Zeevis onderlijnen | Zeevis tips & trucs | Hengelsport knopen |